Category Archives: A photo every other day

Van Bayonne naar Bordeaux en naar huis

De volgende dag pakten we rustig in. De auto moest voor vier uur terug zijn bij Europcar en de reistijd was ongeveer 2 uur.  Dat veranderde ineens toen we zo’n veertig kilometer voor Bordeaux waren.

Google Maps begon onrustig te vertellen dat het wel een half uur, nee wel anderhalf uur langer ging duren vanwege wegwerkzaamheden. Stapvoets reden we verder, het begon er op te lijken dat we die vier uur bij Europcar misschien niet zouden halen. Opeens zei de mevrouw van Google Maps dat we een afslag moesten nemen  en dat we dan binnen een half uur te bestemder plaatse zouden zijn. Ik had altijd gedacht dat het onzin was, dat soort adviezen, maar nee. Als een speer volgenden we wat binnenwegen, kwamen na de wegwerkzaamheden weer terug op de autoweg en leverden de auto af. Aan de andere kant van de weg stond misschien nog een langere file…
In Bordeaux dronken we aan het eind van  e avond nog wat wijn op het plein waar we net hadden gegeten. Tien euro voor twee wijn. We vonden het duur. Maar niet zo duur als de twee biertjes die we voor het Gare du Nord nog even wilden drinken. Twintig euro. Toen we er wat over zeiden was de opmerking van de ober: dit is Parijs, meneer….

Tijd om terug te gaan naar Amsterdam, waar de Duvel bij Scharrebier betaalbaar is en waar we op het balkon nog een veel betere prijs betalen…
Lekker weer thuis.

Van Getxo via Zarautz naar Bayonne – dag 19

En toen hadden we ineens het gevoel dat we echt op de terugweg naar huis waren. Nog een laatste stop, in Bayonne, waar de vakantie zo’n beetje begonnen was. Weer een ritje van twee uur, dus waarom zouden we halverwege niet even kijken in Zarautz, waar we vijf jaar geleden onze laatste dag hadden doorgebracht?

In Zarautz maakten we vijf jaar geleden een Baskisch feest mee. We hadden toen een hotel en we maakten het mee vanaf de middag tot aan de nacht waarin we verbaasd rondliepen, voor ons gevoel redelijk nuchter tussen weggeworpen flessen, dronkelappen, kortom het was feest geweest.
Nu kwamen we omstreeks 2 uur aan in Zarautz en verdomd! het was weer feest. We konden een parkeerplaats wel vergeten. We reden rond, dwars door het stadje, er weer uit, omkeren en uiteindelijk vonden we toch nog een plekje (waar we, toen we na een paar uur terugkwamen een bon op de ruit vonden).  Hoe het feest in Zarautz was? Kijk maar naar de foto’s, we vonden het soms iets hebben van Jeroen Bosch.
Uiteindelijk waren we blij dat we verder konden, naar Bayonne, een beetje op weg naar huis.

Van Getxo naar Bilbao en terug – dag 18

We keken uit het raam van Hotel Neguri. Er liepen wat mensen met paraplu’s. Regen! De ideale dag voor een bezoek aan een museum. En zo hard regende het niet. Daar hadden we trouwens ook niets voor bij ons.

We hadden de dag ervoor even gekeken waar Metro Neguri precies was en we hadden gezien dat er een man achter een raam zat. Voor de kaartjes natuurlijk! Maar nee, we moesten van hem kaartjes kopen in de automaat. Dat lukte wonderbaarlijk goed en de automaat spuugde de kaartjes uit. Wij staken onze kaartjes in de automaat bij de ingangspoortjes, maar ze werden onmiddellijk terug gespuugd. De poortjes gingen niet open. De man van de metro begon achter zijn raam gebaren te maken, waar we glazig naar keken. Wat bedoelde hij? We liepen weer naar het kaartverkoopapparaat en terug naar de poortjes en de man achter zijn glazen raam maakte steeds draaiende gebaren. We deden de kaartjes er nog een keer in, maar niks. Hij begon hard door raam te roepen en nog meer te wijzen. Flecha, Flecha hoorden we. Flecha? Pijl! Ah, de pijltjes op de kaartjes: twee minuscule rode pijltjes op de achterkant van de kaartjes me daarop de reclame van de Kutxabank. Die pijltjes moesten natuurlijk eerst ingevoerd worden. Eureka!
De metro voerde ons door de voorsteden en stadjes van Bilbao. Of was het al Bilbao zelf? Deze voorstadjes zagen er niet vrolijk uit. Het kon natuurlijk ook liggen aan het grijze wolkendek, waar een beetje motregen uit viel. We waren gewend aan de heldere  brandende zon, die alles vrolijk en helder maakt. Hier werd alles grijs geschilderd!

Guggenheim

Het museum Guggenheim was alles wat je van een mooi, modern museum kan verwachten. Een architectonisch prachtig gebouw. Twee tentoonstellingen naast de vaste collectie: L’école de Paris en Andy Warhol Shadows. Met mijn camera mocht ik binnen geen foto’s maken, dus die bleef in de rugzak in de vestiaire. Een schitterend museum, met een prachtige vaste collectie en de ‘losse’ tentoonstellingen waren ook niet mis.
Toen we teruggingen naar Getxo stapten we drie haltes eerder uit om de Pont Biscaye te gaan zien. Een prachtige zweefbrug voor auto’s en voetgangers, die tussen de twee oevers van Portugalete en Las Arenas heenzweeft.
‘s Avonds aten we voor de tweede keer bij Itsasazoka, nog een keer verse inktvis voor het te laat was en mosseltjes. Morgen naar Bayonne, onze een na laatste stop voor Bordeaux.

Naar Getxo – dag 17

Het volgende doel was Bilbao. Daar wilden we het Guggenheimmuseum bezoeken, iets dat we al jaren geleden van plan waren. We wilden echter niet een hotel in de binnenstad van Bilbao, met in ons achterhoofd de parkeerproblemen die we in Santiago hadden. Geen parkeergarage, geen drukke binnenstad waar het hotel niet te vinden was, we wilden iets rustigs. Bijvoorbeeld een plek buiten Bilbao vanwaaruit we naar de binnenstad konden reizen.

Met een beetje googlen op de site van het museum, kwam ik op een stadje boven Bilbao waar de metro van Bilbao naartoe ging: Getxo (Spreek uit als Getjo).
Geen idee of het wel of niet een leuke plek was, maar we vonden een hotel vlakbij een metrostation en Getxo lag aan de monding van een baai. Aan zee dus. Metro én zee op loopafstand van het hotel!
De aardige hotelier vertelde honderduit over Getxo en wat er allemaal zo leuk was. Een hele leuke oude shuttle brug, een oud vissershaventje, het strand, hij bleef maar leuke dingen van Getxo opnoemen. Oké. Oké. We kwamen hier eigenlijk alleen maar om makkelijk naar het Guggenheim te komen.
‘s Middags gingen we kijken op het strand. Daar stak op dat moment een heel merkwaardige, harde wind op, die ons pal met heel veel zand in het gezicht blies. Wij waren op weg naar die leuke, oude vissershaven met allemaal alleraardigste restaurantjes, zoals de hotelier ons had voorgespiegeld, maar het leek ons nu beter om de mensen te volgen die en masse de andere kant opliepen, weg van het zand en de wind. We kwamen uit bij een jachthaven – een moderne haven – maar ook in een jachthaven zijn restaurants. Bier, broodjes en later inktvis, een grote salade en mosseltjes. Mmmmm…

Van Ribadesella naar Suances – dag 16

Bij het ochtendgloren keken we door een van onze panoramaramen: mist! Dikke mist, maar daar, helemaal links bij de bergen, kwam daar niet een straaltje licht? Ik pakte mijn Fuji, gereed tot mooie mistfoto’s.

In onze panoramakamer kon ik toch te weinig zien en fotograferen. Nu ja, genoeg, als ik van het ene raam naar het andere zou gaan, maar daar maak je geen panorama’s mee. Dus schoot ik in de kleren en liep naar boven de heuvel/berg op, dezelfde tocht als gisteren. Het resultaat? Kijk maar naar de foto’s. Langzaam loste de mist op.Het werd helderder, er kwam meer kleur. Zo mooi had Ribadesella zich nog niet aan mij getoond. Oh, om een keer alle seizoenen hier mee te maken en honderden seizoenspanorama’s te maken… Nu ja, iets voor een andere keer of andere tijd.
Terug in het hotel pakten we de koffer. Eerst nog even ontbijten bij Las Vegas en onze digitale administratie doen. Weer was ik blij dat we met de koffer de trappen afgingen en niet met de auto op het parkeerterreintje eng langs de afgrond van de klif moesten scheren. Onze auto vond dat waarschijnlijk ook, die had al genoeg aan de krassen van de parkeergarage in Santiago…

Suances

Met onze korte ritjes van ongeveer twee uur hadden we op de kaart geprikt en kwamen we uit bij Suances. Suances, we hadden geen idee of het een leuke plek was, maar via booking hadden we Hotel Castillo geboekt,een kamer in een kasteeltje voor een goede prijs. Dat bleek ook zo te zijn. We hadden een zitje in de kamer, rood-oranje gordijnen, het was een soort circus-outfit. Suances zelf was een badplaats, niet mooi, soms lelijk, met een heel groot strand beneden op de klif waar ons hotel stond. In het restaurant waar we lunchten, werd nog een kleine poging to oplichting gedaan met een hele dure brandy, waar ik niet om gevraagd had. Wel om de brandy, niet om die dure. Door geen fooi te geven viel alles nog mee. Als toerist moet je blijkbaar op alles voorbereid zijn.
We aten ‘s avonds ergens in een ander hotel/pension – best lekkere inktvis in zijn/haar eigen inkt – en staarden later in het donker vanaf de klif naar de zee. Dat was mooi.
Slapen. Morgen weer verder.