Ada van Wermeskerken – Rotterdam, 13 maart 1942-Amsterdam, 11 augustus 2015

Ada van Wermeskerken.
Ada van Wermeskerken.

Dit is de tekst die ik voorlas tijdens het afscheid van Ada in de Oosterkerk, op dinsdag 18 augustus 2015.

‘Statige, stoere Oosterkerk, kan er niet genoeg naar kijken. Toen wij zo’n 10 jaar geleden een woning aan het Wittenburgerplein aangeboden kregen, was ik, toen ik de kerk in haar stugge glorie zag, direct verkocht. Als ik mijn hoofd uit het raam steek, kan ik haar achter haar sluier van bomen bewonderen. Op weg naar huis geniet ik elke keer weer van haar vertrouwde silhouet, hoe zij met toren en daken boven alles uittorent. Komend uit een gereformeerd nest moest ik niets meer hebben van dat sobere, maar de Oosterkerk heeft me weer de schoonheid van het onopgesmukte doen zien. Lijn en leegte. Ook in de kerk vind je rust en ruimte in prachtig stil licht, ondanks de storende ingebouwde kantoorruimtes.
Dus was ik blij verrast toen ik bij toeval op jullie weblog ‘mijn’ Oosterkerk zo veelzijdig belicht zag. Kijk vaak even of er weer een nieuwe Oosterkerk’te bewonderen is. Misschien een idee al die Oosterkerken ín de kerk te laten zien?
groet Ada’

Dag lieve Ada!
Wat ik net voorlas was de reactie op 18 maart 2006 van jou onder een foto van de Oosterkerk op het weblog dat mijn vrouw Linda en ik samen vullen.

Wat voor iemand de Ada die me benaderde over de foto’s die ik op het weblog zette precies was, daar had ik geen idee van. Jong, oud, iets er tussenin, gelovig, of niet, spiritueel, of wat dan ook, ik had geen idee. In ieder geval was ze een enthousiasteling over de kerk, die ikzelf inmiddels fascinerend was gaan vinden. Een tentoonstelling van mijn ‘Oosterkjes’ leek me erg leuk en maakten een afspraak in de Oosterkerk.
Je bleek een kordate vrouw met rood haar te zijn, iets ouder dan ik zelf ben. Kordaat dus, aardig en enthousiast over mijn foto’s en over de kerk.
Die tentoonstelling kwam er een half jaar later, Oosterkerk, Kop en Schouders heette die tentoonstelling en jij bedacht de naam en we stonden bij de opening samen op de kansel om over onze liefde voor die Oosterkerk te vertellen.

Daarna werden we bevriend, jouw man Nick is Brits, mijn vrouw is Brits en dat en de Oosterkerk was een eerste band. En konden goed met elkaar opschieten.
We hielden van gezellig samen drinken in café Scharrebier, jij tipte ons over het Noord-Hollandse Camperduin en we gingen met z’n vieren naar Artis, naar Petten, naar de bollen in Noord-Holland, en aten regelmatig samen.

Jij had lang geleden borstkanker gehad, Linda kreeg in 2010 borstkanker, daarna kreeg ik prostaatkanker en – het is raar om het misschien zo te zeggen – ook dat versterkte de band tussen ons.
En toen kreeg jij de kanker terug. Ook daar konden we over praten, niet dat we een gezellig praatgroepje hadden over kanker, maar als er wat was, controle van jou of van ons, dan belden we en praatten we er over. Het onderwerp was niet taboe.

De rouwkaart van Ada.
De rouwkaart van Ada.

Toen je wist dat je borstkanker was uitgezaaid naar je hersens en je dus uitbehandeld was, zoals dat heet, vroeg je of ik een foto van de Oosterkerk voor je had voor het rouwkaartje dat er ergens in de toekomst zou moeten komen. Je wist ook al welke, een foto uit de Oosterkerkkalender, van 23 december. Niet dat die datum er toe deed, het ging om de foto. Een grijze grauwe foto, de kerk in de mist, een ochtend in de winter. In de reeks die ik die ochtend had geschoten, had ik er ook een van tien minuten later. De zon brak net door de mist heen en scheen op de wijzerplaten van de klok van de Oosterkerk. Die vond ik eigenlijk veel mooier: wel hetzelfde van sfeer, maar toch wat optimistischer.
Ada-van-Wermeskerken-1
Ik stuurde ze alle twee naar je op. ‘Mooi,’ antwoordde je, maar je had ondertussen nog andere gezien en…
En verder niks eigenlijk. Het kwam niet meer aan de orde. Dus werd het de foto tien minuten later. Niet zo triest dus als die van 10 minuten eerder. Meer zoals jij ook was. Sterk, zonnig, kop en schouders boven de hemel.
Zo’n twee weken geleden waren we nog bij je op bezoek. Je voelde dat het achteruit ging, maar je was zoals je was: levendig, grappig, we konden lachen met zijn vieren en proosten op jouw gezondheid, wij met de Duvels, die Nick voor ons kocht, en jij met een kop thee.
En nu lig je hier, met je vrienden en familie verzameld om je heen, die weten hoe sterk je was. Intelligent, eigenwijs, zeker van jezelf. Je zal het allemaal ook wel eens niet geweest zijn, onzeker over het het nu verder moest, over de naderende dood, maar de meeste mensen hebben je zo leren kennen.
En ze kennen allemaal je liefde voor de Oosterkerk. Daarom heet je wat mij betreft Ada van Oosterkerken.
Ada, op weg naar haar Oosterkerk.
Ada, op weg naar haar Oosterkerk.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *